Video call een adviseur
Nederlands / English
ZoekenApex search
Terug naar overzicht

URE verlegt al vijftien jaar de grenzen

URE13 presentation in EindhovenDe automotive studententeams van de TU/e zijn al jaren de publicitaire en technologische paradepaardjes van de universiteit. Het Solar Team Eindhoven, STORM en TU/ecomotive voorzien de mediawereld, in print en met video, al jaren van boeiend materiaal. Aan al deze teams ging echter een team vooraf: University Racing Eindhoven. Of, zoals het in 2003 nog heette, Formula Student Racing Team Eindhoven. Dit jaar viert URE haar derde lustrum. (Geschreven door Tim Gerth, Cursor TU/e)

Nieuw seizoen

Voorafgaand aan het nieuwe seizoen, dat volgende week in Assen op het TT-circuit van start gaat met de Formula Students Netherlands, blikt Cursor terug op de rijke geschiedenis van één van de oudste studententeams van de Eindhovense universiteit. Door de jaren heen groeide URE uit tot een team dat inmiddels samenwerkt met 89 partners, dat al 130 thesisverslagen heeft opgeleverd en gedurende 13 actieve seizoenen in 33 evenementen van start ging met 30 podiumplaatsen als resultaat.

Publicitair gezien is URE wellicht niet altijd even prominent aanwezig in de media als de andere teams en met de profilering binnen de universiteit wordt ook weleens geworsteld, toch werden dipjes altijd overwonnen en is de blik van elk team onveranderlijk naar voren gericht. Niet iedereen realiseert zich dat het team ieder jaar een compleet nieuwe auto moet bouwen en er ieder jaar voor kiest om te innoveren. In de concurrentiestrijd met honderden andere universiteiten is dat ook pure noodzaak, want stilstand is achteruitgang. En ondanks dat het wel eens gaat met vallen en opstaan, was in die vijftien jaar stilvallen nooit een optie bij URE.

Beginjaren

In september 2003 begonnen zes enthousiaste studenten aan een tweejarig project om een eigen raceauto te ontwikkelen. Die jaren stonden vooral in het teken van het opbouwen van het team en steun verwerven binnen de universiteit. Het is een traject dat ieder team moet doorstaan, maar in die tijd werkte dat nog heel anders dan nu. De universiteit was nog stukje kleiner en daarmee waren de lijntjes ook korter. De faculteit Werktuigbouwkunde had vooral als drijfveer om studenten beter voor te bereiden op de stap naar de industrie.

De allereerste auto van FSRTE uit 2005, die echter nooit heeft deelgenomen aan races. Foto | Bart van Overbeeke

In 2006 zag de eerste echte racewagen van FSRTE het levenslicht. De FSRTE02 was de eerste auto die in dat jaar meedeed aan de Formula Student-competitie en viel direct ook in de prijzen. Met een onderscheiding voor het meest originele ontwerp op zak keerde FRSTE, dat na dat seizoen de naam zou wijzigen naar URE, huiswaarts.

Destijds bestond het Formula Student-seizoen in Europa nog maar uit twee evenementen: FSUK in Engeland en FSI in Italië. De FRSTE02 eindigde daar, mede door betrouwbaarheidsproblemen, op de plaatsen 29 en 13.

De FSRTE02 was de eerste auto die in 2006 meedeed aan de Formula Student-competitie en direct werd bekroond voor het meest originele ontwerp. Foto | Bart van Overbeeke

In 2007 rolde de eerste URE-wagen over het asfalt. Het team groeide naar 61 teamleden en kwam in dat seizoen met het, uit aluminium vervaardigde, lichte chassis van de URE03 voor het eerst aan de finish tijdens een endurance-onderdeel. Dat deed men op de befaamde Hockenheimring, dat sindsdien het toneel is van de Formula Student Germany. Jaren later groeide die wedstrijd uit tot het officieuze wereldkampioenschap. Bij de eerste editie eindigde URE op plek 12 van de 54 deelnemers.

Een jaar later stond URE voor het eerst aan de start met een multi-link ophanging, die er mede voor zorgde dat het team de prijs kreeg voor het beste ontwerp tijdens FSUK. De URE04’s sterkste resultaat overall was de negende plaats in Italië.

De URE05 was de laatste wagen in het brandstoftijdperk van URE. Voor het eerst werd er voor het chassis carbon gebruikt in plaats van aluminium. Daarmee werd zo’n 25 kilogram bespaard (van 256 naar 231 kilogram). Met de URE05 werd het team veertiende op de Hockenheimring, in een sterk veld van 78 wagens. In Italië kreeg het team de tweede prijs voor de business presentatie.

De URE05 was de laatste auto van URE in het brandstoftijdperk en voor de eerste keer werd carbon in plaats van aluminium gebruikt voor het chassis. Foto | Archief URE

 

Tire Picking Challenge

Studenten blijven studenten en ook bij URE is men niet vies van een kwajongensstreek. Toen een relatief nieuw teamlid zich tijdens Formula Student Spain in 2014 afvroeg waarvoor die sprietjes op nieuwe banden waren, ontstond er een grap die in de hele Formula Student-paddock werd volgehouden. URE had het teamlid wijsgemaakt dat het heel belangrijk was om deze, in werkelijkheid nutteloze sprietjes van de band te plukken en dat er een heuse wedstrijd voor was.

De Tire Picking Challenge, kortweg TPC, was geboren. Nog binnen een week werd er een volwaardig reglement opgetekend door een bevriende scrutineer en werd de sprietplukwedstrijd voor het eerst gehouden. De ‘bandenplukkers’ gingen op een rijtje zitten om te bepalen wie het snelst was en uiteraard won URE, waarna de grap eindelijk kon worden uitgelegd. De TPC is nu nog steeds een jaarlijks onderdeel van de wedstrijdweek in Barcelona.

Over op elektrisch

Als eerste team in Nederland stapte URE in 2010 over op een elektrische aandrijving. Daarmee bouwde het de eerste elektrische racewagen van de Benelux. Het was het meest succesvolle jaar voor URE, dat met URE05e louter podiumplekken behaalde. Derde in Silverstone, tweede in Hockenheim en winnaar in Oostenrijk, nog altijd de enige overall overwinning in de historie van het team. De wagen die werd gebruikt was gelijk aan de URE05, behalve de elektrische aandrijving natuurlijk.

In het jaar daarop kwam het team met eigen banden naar de competitie. URE was het eerste team in de complete Formula Student-competitie dat het voor elkaar kreeg om een unieke band te ontwikkelen, samen met partner Vredestein. Het team finishte in ieder evenement en ook dat was een unieke prestatie in de geschiedenis van het team.

In Engeland boekte URE dat jaar de grootste successen. Met een tweede plek in de acceleratie, en derde plaatsen in de skidpad, endurance en business presentatie eindigde het team op de derde plaats in het overall klassement. Op Red Bull Ring was er ook een podiumplek; URE werd tweede van de acht deelnemers en de URE06 was de meest efficiënte auto. In Hockenheim, waar de concurrentie met 28 wagens een stuk groter was, werd URE zesde.

De volgende stap zette het team in 2012 door ook eigen regenbanden mee te nemen. Daarop behaalde de URE07 zijn beste resultaat tijdens de skidpad in Duitsland, die traditioneel nat wordt verreden. Ook de overall prestatie op het officieuze WK viel dat jaar niet tegen: een vierde plaats. Op Silverstone, tijdens FSUK, werd URE tweede in de acceleratietest en won het de prijs voor beste kostenverantwoording.

In 2012 introduceerde URE haar eigen regenbanden. Deze leverden de URE07 het beste resultaat ooit op tijdens de skidpad in Duitsland, die traditioneel nat gereden wordt. Foto | Archief URE

Volledig naar carbon

Met de URE08 werd de overstap gemaakt naar een volledig carbon monocoque. Natuurlijk met oog op gewichtsbesparing en het hielp behoorlijk. Het gewicht van de auto kreeg men zo met 18 procent naar beneden (zo’n 45 kilo). In Barcelona was het team met deze wagen onderweg naar de overwinning, totdat er een wiel loskwam tijdens de endurance. Het team eindigde als eerste in de statische onderdelen en behaalde ook een eerste plaats in het acceleratieonderdeel. Door de uitvalbeurt in het belangrijkste onderdeel restte echter slechts een achtste plaats in het overall klassement.

Een nieuwe grote stap maakte URE in 2014 door een aerodynamisch pakket te installeren op de wagen. Een grote voor- en achtervleugel moesten voor extra grip zorgen. Na de jammerlijke uitvalbeurt van het voorgaande seizoen werd er ook extra nadruk gelegd op de betrouwbaarheid, dat in de jaren die volgden een steeds grotere rol zou gaan spelen. Het team behaalde een knappe vijfde plaats tijdens FSG op de Hockenheimring.

Een nieuwe grote stap maakte URE in 2014 door een aerodynamisch pakket te installeren op de wagen. Een grote voor- en achtervleugel moesten voor extra grip zorgen. Foto | Archief URE

Vierwielaandrijving

Hoewel URE nog steeds knappe prestaties leverde, zat de concurrentie in de Formula Student ook niet stil. Was het Eindhovense team ooit het eerste met eigen banden, nu rijden alle grote teams met speciaal gefabriceerd rubber. Omgekeerd was de aerodynamica bij veel teams al jaren een belangrijk aspect, terwijl het bij URE nog in de kinderschoenen stond. En wilde je echt meedoen voor de prijzen, dan was vierwielaandrijving een must. Zodoende maakte URE in 2015 de overstap met de URE10 naar vier motoren.

Er werden eigen motoren ontwikkeld, met kennis vanuit de universiteit. Dat concept kreeg destijds al veel lof en wordt nog altijd toegepast en verbeterd op de huidige generatie wagens. Al in 2014 had het team zijn concept gepresenteerd en hiervoor in Engeland de eerste prijs in de wacht gesleept. Het zou uiteindelijk een iets te grote stap blijken voor de URE10, die vooral naast de baan uitblonk, maar aan het einde van het seizoen nog wel de eerste prijs in de wacht sleepte voor zijn efficiëntie.

In de jaren die volgden werd met de URE11, 12 en 13 dan ook vooral gefocust op het verbeteren van de betrouwbaarheid, daar het team het volste vertrouwen heeft in de snelheid van de wagen. Met de URE11 werden er grote stappen gezet met de motoren, maar zaten de resultaten niet mee. Los van een tweede plaats voor de kostenpresentatie, was er weinig om over naar huis te schrijven.

De snelheid van het concept werd wel onderstreept tijdens de eerste editie van Formula Student Netherlands, waar de URE12 in 2017 vijf bekers in de wacht sleepte. Maar, wederom door technische problemen, greep men naast de eindoverwinning. URE werd vierde in Assen, achtste in Oostenrijk en twaalfde in Spanje. Een stevige domper voor het team in 2017 was dat het niet werd uitgenodigd voor Formula Student Germany, het jaarlijkse hoogtepunt van het seizoen.

Met de URE11 werden er grote stappen gezet met de motoren, maar zaten de resultaten helaas niet mee. Foto | Archief URE

Met de URE13 richt het team zich dit jaar voor het vierde jaar op rij nadrukkelijk op het boeken van resultaten met het concept van vier naafmotoren. Daarnaast werd het ook tijd voor een nieuwe stap. Opnieuw toonden de Eindhovenaren hun innovatieve aard, door te kiezen voor een parallel project om de eerste autonome racewagen van de Benelux te ontwikkelen. De ‘oude’ URE11 wordt omgebouwd om autonoom te kunnen rijden.

Wordt driverless de toekomst?

Als eerste team in de Benelux richt URE zich dit jaar ook op de ontwikkeling van een eerste autonome wagen. Daar zal nog niet mee geracet worden, maar het is wel de bedoeling dat in 2018 nog de eerste zelfstandige meters worden gemaakt. Sinds 2016 is Formula Student Driverless een nieuwe klasse in Duitsland en vorig jaar werd in deze klasse de eerste race verreden. De verwachting is dat de komende jaren steeds meer evenementen zich erbij zullen aansluiten.


Het team van URE13 rijdt deze zomer voor het eerst op vier evenementen: volgende week van 9 tot en met 12 juli de Formula Students Netherlands in Assen, daarna nog de FS East in Hongarije, FSG in Duitsland en FSS in Barcelona.

Bronvermelding:
Geschreven door:  Tim Gerth
Foto’s: Archief URE
Origineel artikel: www.cursor.tue.nl